Daar moet je rechtdoor de weg oversteken en dan na drie kilometer kom je bij het dorp xc5xa0iroke. Vanaf daar hoef je alleen maar de weg te volgen. Zie je die heuvel daar? Met die huisjes in de verte? Daar loopt de weg langs en die gaat vervolgens in een grote bocht naar links weer heel langzaam terug richting de hoofdweg naar Primoxc5xa1ten. Vanaf daar weet je het wel. Die weg heb je vaak genoeg gereden van Primoxc5xa1ten hier naar Loxc5xbenice. Tot dat punt moet je dus gewoon de weg blijven volgen. Die weg daar. In de heuvels. Langs die dorpjes daar. Niet afslaan. Gewoon rechtdoor. Snap je het? Zie je het? Volgens mij is het een kilometer of twaalf. Dertien hooguit.
Het was de manier van de moeder van De Athexc3xafst om mij een snel gexc3xafmproviseerde hardlooproute uit te leggen. Het klonk allemaal vrij eenvoudig. Sterker nog, het was volgens mij veel makkelijker om die weg te volgen dan het voor mij nog steeds lastige Kroatisch waarin de route aan mij werd uitgelegd. En ach, een kilometertje of dertien moest toch wel te doen zijn. Zeker nu de hitte met het verder zakken van de zon langzaam aan steeds minder verzengend werd.
Ik waagde het er dus maar op. Rechtdoor. Niet afslaan. Zo moeilijk moest dat toch niet zijn. Niet veel later waren de moeder van De Athexc3xafst en twee nieuwsgierige dorpsbewoners dan ook al uit zicht verdwenen. Ik was nu alleen. Ergens in het binnenland van Kroatixc3xab op zo’n acht kilometer van de kust. Heel n de verte en links van me kon ik de zee zien liggen en om me heen lag de rest van Dalmatixc3xab. Struikgewas, olijfbomen, muurtjes van rotsblokken die de grenzen van de verschillende olijfboomgaarden aangaven. Af en toe een huisje. Soms iets moderner en bewoond. Soms heel oud en onbewoond.
Dat is leuk. Lopen in een onbekende omgeving en dan vooral in het buitenland. Waar ik nu liep, was ik dan al meerdere keren geweest, maar ik liep nu wel op wegen waar ik nog nooit eerder had gelopen. Ik had het dan ook enorm naar mijn zin. Toen ik veel eerder dan voorspeld bij het eerste dorp aankwam, vond ik dat zelfs een beetje jammer. Dit zou namelijk misschien zelfs betekenen dat de hele route misschien korter is dan de voorspelde 13 kilometer. Maakt niet uit. Gewoon doorlopen. Rechtdoor. Niet afslaan.
Een half uurtje later ben ik er wel achter dat de route zeker geen 13 kilometer zal zijn. Het worden er meer. Hoeveel meer weet ik niet, maar ik weet wel dat het verstandiger is om niet verder rechtdoor te lopen. Bij een splitsing wijst de wegwijzer namelijk naar een plaats waarvan ik weet dat het verstandig is om niet verder in die richting te blijven lopen. De wegwijzer naar links wijst wel richting een plaats die enigszins in de buurt ligt van waar ik moet zijn. Naar links dus maar.
En verdomd. Ik ben nog goed gelopen ook. Na enkele kilometers van martelende onzekerheid kom ik uit op de weg die me weer terug moet leiden naar Loxc5xbenice. Inmiddels heb ik wel al meer dan 13 kilometer er op zitten en ik weet dat ik nog een flink stuk te gaan heb. Maar echt zwaar kan het volgens mij niet meer zijn. Voor zover ik weet en voor zover ik me kan herinneren vanuit de auto gaat de weg namelijk maar heel lichtjes omhoog.
Maar dat lijkt dus mooi tegen te vallen. Het is warm, ik zweet me een ongeluk en klaarblijkelijk is het vanuit de auto maar heel moeilijk om een stijgingspercentage te beoordelen. Een beetje wielrenner zal er niet van opkijken, maar ik als Nederlandse hardloper heb het maar moeilijk met de kilometers lange en langzaam omhoog lopende weg. Het is gewoon zwaar, erg zwaar. Ik ben uitgedroogd en ik heb er simpelweg geen zin meer in. Dat klote-Dalmatixc3xab met haar klote-heuvels en haar klote-olijfbomen die nauwelijks schaduw geven. Ik ben er helemaal klaar mee.
Ik passeer een huis waar een oudere vrouw met een tuinslang net haar plantjes aan het water geven is. In mijn beste Kroatisch vraag ik of ik misschien wat water zou mogen. Dat mag en na een paar flinke slokken voel ik me weer wat beter. Een klein stukje nog maar. Bijna thuis.
Hierna stop ik nog een laatste keer. Op een paar honderd meter voor de aankomst is er namelijk nog xc3xa9xc3xa9n flinke heuvel die ik moet bedwingen. Als ik onderaan die heuvel aankom, is het alsof ik tegen een muur aankijk. Ik moet gewoon even stoppen. Even opladen. Na het zware laatste stuk kan ik het simpelweg niet meer opbrengen om in xc3xa9xc3xa9n keer door te lopen. Nog xc3xa9xc3xa9n keer ademhalen. Ogen dicht. Lopen.
Niet veel later ben ik eindelijk terug gekeerd. Ruim een half uur langer onderweg dan gepland, maar ze kijken er niet meer van op. Daar heb je die gekke hardloper weer, zie je ze denken. En een paar minuten later, als ik wat heb gegeten en gedronken, ben ik het complete afzien al weer vergeten. Eigenlijk was het best lekker. Ik heb er in Kroatixc3xab een nieuw hardlooprondje bij.