Maandelijkse archief: september 2008

28-09-2008: Geul techniekloop, Vlaardingen, 15 km

Logogeulgg‘s Morgens voor de Geul Techniekloop in Vlaardingen vroeg ik me nog serieus af of het niet te koud zou worden. Ik was toen al twee keer van de auto terug naar huis gelopen (eerst BliepBliep en daarna portemonnee vergeten) en beide keren vond ik het toch wat fris in mijn korte broek en shirt. Twee uurtjes later was er van de kou nog maar weinig te merken. Toen we van start gingen voor de 15 km scheen de zon en was het zelfs gewoon domweg warm.

Bijna was ik overigens niet gegaan. Op dezelfde dag van de Geul Techniekloop vond namelijk ook de marathon van Berlijn plaats en mijn oorspronkelijke plan was om die op te nemen en bij terugkomst af te kijken. Helaas werd de wedstrijd echter niet live op TV, maar op internet uitgezonden. Het had dan ook niet veel gescheeld of ik had gewoon ruim twee uur lang voor mijn computer gezeten. Dan had ik de Geul Techniekloop gewoon laten schieten. Maar uiteindelijk bleek het plezier in het lopen groter dan het plezier in het kijken naar lopen.

Ik had zelfs zoveel plezier in het mogen lopen dat ik ook vooral heel veel zin had in snel lopen. Dat ik nog niet de vorm heb voor een snelle 15 kilometer vergat ik voor het gemak dan ook maar eventjes. Na vier kilometer merkte ik echter al dat het zo niet lang meer verder zou kunnen. Ik had de aansluiting gemist met een groepje voor me en ik voelde me niet sterk genoeg om in mijn eentje het huidige tempo vast te houden.

Het moest dus even ietsjes langzamer. Drie kilometers lang gaf ik mezelf de tijd om weer even bij te komen. Een bekertje water zou toen ook welkom zijn geweest, maar door een groepje wielrenners miste ik de eerste waterpost. Die waren zo druk bezig om ons de ruimte te geven (waarvoor dank) dat ze met hun fietsen angstvallig dicht tegen de waterpost aan gingen staan en daardoor effectief de watervoorziening blokkeerden (waarvoor dank, teringlijers).

Maar ach, het deerde me ook weer niet zoveel dat ik daardoor mijn humeur liet vergallen. Die was namelijk nog steeds dik in orde. Ik kon zelfs nog enigszins lachen om die enkele Nordic Walker die ik passeerde. En ook al was het dan een hatelijk lachje, het was toch een teken dat het wel goed zat. Ik moest zelfs op gaan passen dat het niet allemaal te gemakkelijk zou gaan. Nu ik immers weer was hersteld van de eerste zware kilometers was het ook weer niet de bedoeling dat ik er een soort van veredelde training van zou gaan maken.

De laatste paar kilometers gingen dan ook aanmerkelijk harder. De vooraf gehoopte tijd van 1 uur 5 zat er alleen niet meer in. Ik weet zelfs niet helemaal zeker of ik wel tevreden kan zijn met mijn uiteindelijke tijd van 1 uur, 6 minuten en 25 seconden. Ik ben dan nog wel steeds bezig met het langzaam in vorm komen en wat dat betreft is het geen slechte tijd, maar ik maakte toch weer een belangrijke fout. Ik ging van start alsof ik de vorm had van een paar maanden terug en dat is helaas nog niet zo.

Het blijft dus moeilijk voor mij om te accepteren dat ik langzamer ben dan toen. Een tijd van 1 uur 6 had ik weliswaar een paar weken terug nog niet kunnen lopen, dus het gaat echt wel beter, maar dat is niet genoeg voor mij. Ik ben niet gexc3xafnteresseerd in tijden die ik vorige maand niet kon lopen. Ik ben enkel gexc3xafnteresseerd in tijden die ik nog nooit heb kunnen lopen. Soms gaat hardlopen te langzaam voor mij.

21-09-2008: Autoloosloop Zoetermeer, Halve Marathon

Rrz2_2De Autoloosloop in Zoetermeer had het qua weer getroffen. Droog, zonnig en vrijwel geen wind. Jammer alleen dat het parcours voor de halve marathon wegens werkzaamheden niet meer xc3xa9xc3xa9n grote ronde was. Maar met nog een 5 en een 10 kilometer op het programma, waren er genoeg redenen voor het hardlopende deel van de regio om naar Zoetermeer te gaan.

Maar dat viel dus tegen. Door de concurrentie van almaar groter wordende massalopen zoals de Dam tot Damloop op dezelfde dag en ook de Halve Marathon van Rotterdam in dezelfde periode, waren er dit jaar aanmerkelijk minder lopers dan een jaar eerder. Ook helpt het niet echt dat de loop georganiseerd wordt tijdens Autovrije Zondag, waardoor het idee is ontstaan dat Zoetermeer onbereikbaar zou zijn voor de auto, maar dat was dus absoluut niet zo.

De lopers die wel op waren komen dagen, werden iets na twaalf uur weggeschoten. Onder hen was ook nog mijn nicht die voor het eerst een vijf kilometer wedstrijd wilde lopen. Vijfendertig minuten was haar doel, maar het werden er uiteindelijk ruim vijf minuten minder.

Zelf was ik toen al een heel eind onderweg met mijn eerste rondje van tien kilometer en het ging verbazingwekkend goed. De 1 uur 40 die ik vooraf in gedachten had, had ik in gedachten zelfs al een paar minuten naar beneden bijgesteld. Het ging gewoon enorm makkelijk. Terwijl de ene na de andere tien kilometer loper in het zicht van de finish aan het stilvallen was, liep ik gestaag verder en haalde ik ze met bosjes tegelijk in. Door al dat inhalen voelde ik me alleen maar sterker worden en ik wist dat ik nog wat reserves had.

Bij het ingaan van de tweede ronde versnelde ik dan ook iets. Dwars door het uitgestorven winkelcentrum haalde ik het eerste groepje halve marathon lopers meteen al in. Via het in mijn jeugd nog zo armoedige, maar inmiddels flink opgepimpte station Centrum West, kwamen we op een lange en door de Autovrije Zondag lege autoweg terecht. Daar kon ik in de verte al weer wat losse lopers zien lopen.

Dat was meteen een mooi richtpunt en langzaam liep ik er naar toe. Langs alternatieve uitgaansgelegenheid De Boerderij waar ik vroeger met mijn Sonic Youth shirtje nog elk weekend te vinden te was. Tegenwoordig worden er eigenlijk alleen nog maar concerten gehouden en is De Boerderij niet meer De Boerderij van vroeger. Dat gold ook voor de paar uitgebluste lopers voor me waar ik steeds meer terrein op aan het winnen was.

Zo kwamen we ook op een afstandje langs discotheek de Locomotion en ook SnowWorld passeerden we nog. Gebouwd in een periode toen ik al niet meer in Zoetermeer woonde, maar waar ik als ex-Zoetermeerder nog steeds op word aangesproken: "Oh, jij komt dus uit Zoetermeer? Dat is toch die stad waar SnowWorld staat?"

Op dit stukje van het parcours haalde ik weer een paar lopers in en vervolgens was het Buytenpark was nu aan de buurt. Een leuk heuvelachtig stukje parcours waarvan ik me verbaasde dat ik er als Zoetermeerder nog nooit was geweest. Voor me liep een jongen die uit alles uitstraalde dat hij zich echt niet zomaar voorbij zou laten lopen. Ik speelde met hem. Liep hem voorbij. Liet hem weer ietsjes uitlopen heuvelop om hem vervolgens, terwijl hij nog aan het bijkomen was van de klim, keihard voorbij te lopen. In de afdaling haalde ik nog iemand anders bij. Ik begon het leuk te vinden. Het ging ook gewoon allemaal zo makkelijk.

Terug naar het centrum begon de spoeling wat dunner te worden. Er waren simpelweg niet zo veel lopers meer over om in te halen. De echt snelle mensen waren al lang buiten mijn bereik en ik moest me tevreden stellen met de hele enkele loper die ik af en toe nog in kon halen. Met nog een paar kilometer te gaan, liep ik langs het foeilelijke gebouw van de AIVD richting de tunnelbak. Nog maar een klein stukje. Ik vond het jammer dat het alweer bijna voorbij was.

Voor de tweede keer die dag liep ik door de tunnel omhoog het orkestje tegemoet. De benen voelden nog goed. Het zou best een aardige tijd gaan worden. Een scherpe bocht naar rechts volgde en zo begon ik aan het laatste lusje om de Halve Marathon vol te maken. Een klein stukje over het fietspad waar ik vroeger zo vaak van school naar huis heb gefietst. Wat bochtjes door een wijkje en dan eindelijk het laatste flauw omhoog lopende stuk naar de finish toe. Mijn tijd: 1 uur, 34 minuten en 12 seconden. Stukken beter dan ik had verwacht, maar de echte winst zat nog wel in het feit dat ik weet dat ik sneller had gekund. De herfst is begonnen. De zomerdip is voorbij.

Uitstel van SnakeMaster vs RunningRonald II

Screenshot2008
Begin juli kondigde ik op deze weblog een titanenstrijd aan tussen mij en de misschien wel bekendste looplogger van Nederland: RunningRonald. Onze PR’s zijn behoorlijk aan elkaar gewaagd en het leek mij dan ook een goed idee om tijdens een 15 kilometer wedstrijd te bepalen wie van ons tweexc3xabn nu echt de snelste is. Aangezien wij toen beiden de Midzomeravondloop in Bleiswijk op het programma hadden staan, vond daar dan ook de inmiddels veelbesproken en legendarisch geworden tweestrijd plaats.

Vanzelfsprekend won ik met overmacht. Geen moment kwam RunningRonald er aan te pas en onbedreigd liep ik naar de zege. Voor mij een bevestiging van datgene wat ik al lang wist, maar voor RunningRonald was het een grote teleurstelling. Al snel kwam hij dan ook met de mededeling dat hij niet op de hoogte was van onze competitie. Dat hij een re-match wilde. Een herkansing.

SnakeMaster zou SnakeMaster niet zijn als hij niet af en toe de zwakkeren van deze samenleving te hulp zou schieten en daarom werd er inderdaad een nieuwe clash afgesproken. Op 28 september zou in Vlaardingen daarom de tweede editie van de weblog-klassieker SnakeMaster vs RunningRonald plaats moeten gaan vinden. Ik had er meteen alle vertrouwen in. Ik zou looploggend Nederland wederom versteld doen laten staan met een opmerkelijke en overtuigende overwinning.

Wat ik echter twee maanden geleden nog voor onmogelijk had gehouden, gebeurde toch: de twijfel sloeg toe. Waar ik juist vanwege de zomer met een vormcrisis te maken kreeg die zijn weerga niet kende, bleef RunningRonald maar stevig doortrainen voor de Amsterdam Marathon in oktober. Vele malen kwam ik afgepeigerd thuis van het hardlopen om dan vervolgens in de nieuwste log van RunningRonald te moeten lezen dat hij weer ergens moeiteloos vele kilometers had hardgelopen. Of dat hij weer een succesvolle intervaltraining had afgelegd in snelheden die voor mij al buiten bereik waren geraakt. Ik begon het allemaal erg somber in te zien.

Toen ik tijdens mijn eerste echte wedstrijdje na de zomerperiode ook nog eens abominabel slecht presteerde, wist ik dat ik het wel eens heel erg moeilijk zou kunnen gaan krijgen. De winst, twee maanden geleden nog een vanzelfsprekendheid, leek opeens heel erg ver weg. Van opgeven wilde ik echter niet weten. Ik moest en zou er alles aan doen om op tijd in vorm te geraken. Uitstellen was simpelweg geen optie voor mij. Uitstellen is voor mietjes.

Maar zie daar: een reddingsboei. Onverwachts toonde RunningRonald opeens zijn ware aard door in deze log aan te kondigen dat hij WEL een uitstel van de wedstrijd wilde. Met het oog op de voor hem steeds dichterbij komende marathon wil hij geen risico’s nemen.

Iedereen die dus met spanning zat te wachten op de 28e september, zal nog even wat extra geduld moeten betrachten. De bedoeling is nu om een geschikte 15 kilometer uit te zoeken die in november of december plaatsvindt. Het duurt dus wat langer dan verwacht, maar die tweede editie komt er!
Tenzij RunningRonald natuurlijk wxc3xa9xc3xa9r met een slap excuus komt om af te zeggen…

Ceci n’est pas une pipe

PijpDe laatste tijd heb ik tijdens het hardlopen regelmatig last van opspelende darmen. Soms heb ik mazzel en is er een tankstation in de buurt, maar vaak ben ik op de natuur aangewezen. Dat moet ook wel, want zodra de problemen eenmaal begonnen zijn, heb ik maar een paar minuten de tijd om een goed heenkomen te zoeken. Langer dan dat kan ik het niet ophouden.

De angst voor dit ongemak is dan ook groot. Zo groot zelfs dat ik tijdens het hardlopen nu al bij het minste of geringste teken om me heen kijk of ik ergens ongestoord en uit zicht een illegale lozing kan doen. Misschien is er dan wel niks aan de hand, maar dat risico durf ik eenvoudigweg niet te nemen. Dat geldt vooral op mijn hardlooproute van werk naar huis, omdat ik daar grote stukken door de bebouwde kom heen loop. Er zijn dan ook maar een plekken waar ik terecht kan.

Exc3xa9n van die plekken is het Kralingse Bos hier in Rotterdam en gisteren was het weer eens zo ver. Ik dacht te voelen dat het misschien over een paar kilometer wel eens verkeerd zou kunnen gaan en dus besloot ik uit voorzorg om de bosjes op te zoeken. Het vinden van een juiste plek heb ik inmiddels tot kunst verheven. Zo vlak voor de echte herfst lost barst is dat dan ook niet zo moeilijk. Je kunt dan redelijk beschut een plekje vinden als je maar ver genoeg de bosjes in loopt.

Dat weten meer mensen en daarom was ik in eerste instantie helemaal niet verbaasd toen ik op een open plek in de bosjes opeens een man zag staan. Hij stond er wel een beetje raar bij. Dat dan weer wel. Met zijn handen in zijn zij keek hij stoxc3xafcijns vooruit. Hij zag mij ook staan.

Toen pas zag ik ook de tweede meneer daar staan. Of staan… Dat is eigenlijk niet het goede woord hier. Meneer B zat gehurkt voor meneer A en hield de benen van meneer A vast. Daarbij was de broek van meneer A tot op zijn enkels naar beneden gezakt en werd het me opeens in xc3xa9xc3xa9n klap heel erg duidelijk dat meneer B de – hoe zeg ik dit netjes – pijp van meneer A in zijn mond had. Alleen was het natuurlijk geen pijp. Maar gezien de activiteit van meneer B is het woord pijp hier trouwens niet eens zo’n heel slecht synoniem voor de slurf van meneer A.

En ik stond daar maar. Lichtelijk geshockeerd. Dat dan weer wel. Dit was dan ook de eerste keer in al die jaren dat ik door het Kralingse Bos heen heb gelopen dat ik zag waar deze plek zijn reputatie aan te danken had. Daarbij scheen het de beide heren ook helemaal niets uit te maken dat ik daar opeens was verschenen. Die gingen gewoon verder met iets wat ik vast en zeker verkeerd gexc3xafnterpreteerd had. Misschien was het allemaal niet zo plat als het leek. Misschien was het gewoon enkel een romantisch en liefdevol samenzijn. Of zoiets.

Ik wilde er alleen niets mee te maken hebben. Zeker niet omdat ik daar ook nog eens in mijn strakke hardloopbroek stond. Je zou zomaar eens de verkeerde signalen af kunnen geven en daarom draaide ik me om en liep ik snel weg. Langer dan een seconde kan dit allemaal dan ook niet geduurd hebben. Weg moest ik. Weg uit de bosjes. Zo snel mogelijk. Dan maar niet poepen. Ik zou het nog liever in mijn broek doen dan nog een keer het risico lopen om de intieme momenten van mijn medemens te verstoren.

Het werd de snelste kilometer die ik die dag zou lopen.

10-09-2008: Keesloop, Bergschenhoek, 10 km

Keesloop
Vorige week was ik nog een weekje te vroeg, maar gisteren was dan toch echt de befaamde Keesloop in Bergschenhoek. Eindelijk zou ik de kans krijgen om in een heuse wedstrijd te zien hoe het met mijn vorm gesteld is. Aan parcourskennis zou het in ieder geval niet liggen. Toen ik daar vorige week was in de veronderstelling dat de Keesloop al die dag gelopen zou worden, had ik namelijk in blinde paniek al heel wat straten en fietspaden in de buurt verkend.

De start kon ik dit keer dan ook blindelings vinden. Op naar de inschrijvingstafel. Mijn naam doorgeven. Startnummer ophalen. En zo mocht ik voor het eerst in meer dan twee maanden tijd weer eens een startnummer opspelden. Het voelde vertrouwd. Ik had er zin in.

Vlak voor de start nam ik me dan ook twee dingen voor. Het eerste was dat ik zo hard mogelijk zou lopen en dat ik zou proberen om onder de 42 minuten uit te komen. Dat leek me een mooie tijd om mijn traditionele zomerdip mee af te sluiten en om me te gaan richten op de komende dagen.

Mijn tweede voornemen was om Bjorn met zijn cameratoestel te ontlopen. Bjorn was namelijk speciaal voor de Keesloop naar Bergschenhoek afgereisd en waar Bjorn is, daar worden foto’s gemaakt. Normaalgesproken heb ik niks te vrezen en zijn alleen bekende Nederlanders het slachtoffer, maar die zijn zo langzamerhand op aan het raken. Het zou dus zomaar eens kunnen dat ik op de foto zou moeten en alhoewel ik daar op zich geen hekel aan heb, sta ik daar ook weer niet verschrikkelijk om te springen.

Maar eerst nog even een stukkie hardlopen. Tien kilometer om precies te zijn. Ook al waren de meningen achteraf nogal verdeeld, omdat de afstand misschien ietsjes meer dan die tien kilometer was.

Ik was redelijk goed weg. Snel zelfs. De eerste kilometer liep ik ook nog eens in een tempo dat richting een dik PR zou gaan leiden. De hartslag was relatief laag en makkelijk dat het ging… Ik had echt het idee dat ik bezig was om een supertijd te lopen. Onder de 42 minuten? Ik zou wel eens even onder de 41 gaan duiken!

Drie kilometer later was er niks meer van dat optimisme over. Het tempo was flink gezakt, het lukte me niet om weer te versnellen en het groepje voor me dat richting een 40 minuten aan het lopen was, verdween steeds verder uit beeld. Toen ik het eerste rondje van vijf kilometer ook nog eens maar net binnen de 21 minuten afsloot, zakte de moed me in mijn schoenen. Als ik na vijf kilometer al zo’n matige tijd had en ik het gevoel had dat het alleen nog maar zwaarder zou worden, dan zou het nog een hele klus gaan worden om binnen de 43 minuten te finishen.

Ik heb het wel geprobeerd tijdens het tweede rondje. Andere ritmes uitproberen. Wat meer de armen erbij. Eventjes gas terugnemen om weer adem te krijgen voor een langzame versnelling. Maar niks hielp. Het was slecht en het bleef slecht. Als ik nog eens het gevoel zou hebben dat ik niet beter zou kunnen, dan zou ik daar nog vrede mee kunnen hebben, maar in dit geval kon ik alleen maar balen. Ik moest gewoon beter kunnen. Dat wist ik gewoon. Maar het lukte niet.

Ik kwam uiteindelijk in 43 minuten en 24 seconden over de finish. Veel slechter dan ik had verwacht en ook nog eens ruim twee minuten langzamer dan vorig jaar rond dezelfde tijd. Lang zag het er diezelfde avond nog naar uit dat ik in ieder geval mijn tweede voornemen van die avond waar zou kunnen maken, maar helaas… Vlak voordat ik wegging, moest ik alsnog met Bjorn, Ronnie & Janna op de foto. Wat een kutdag. Hopelijk gaat het snel weer beter.

Het juiste spoor

SpoorZondag was het er opeens weer: dat goede hardloopgevoel. In de eerste weken na mijn vakantie was ik nog wanhopig op zoek geweest naar signalen dat ik weer in vorm aan het komen was. Tijdens de zoektocht naar mijn vorm begon ik zowaar zelfs het plezier in het hardlopen kwijt te raken. Ik liep nog wel hard, maar meer uit gewoonte dan dat ik het echt leuk vond.

De laatste tijd was dat al een beetje aan het veranderen. Ik begon er weer aardigheid in te krijgen. Het echt leuk te vinden zelfs. Desondanks zag ik het afgelopen zondag nog niet echt zitten om hard te gaan lopen. Het regende namelijk en dat vrijwel de hele dag.

En toch deed ik het. Wel wachtte ik eerst nog even een droge periode af, maar afgaande op de buienradar wist ik al wat me onderweg te wachten stond. Een paar minuten later begon het dan ook inderdaad te regenen. Maar ondanks het plakkende T-shirt en het soppende geluid dat van mijn schoenen kwam, had ik het hartstikke naar mijn zin in de regen. Terwijl ik allerlei soorten paraplu’s, regenjassen en dikke kleding tegenkwam, was ik daar toch maar mooi even in een korte broek en korte shirt alleen aan het hardlopen. En het ging nog goed ook.

Het korte rondje dat ik vooraf in gedachten had, leek al snel niet meer voldoende. Ik wilde meer. Verder. En terwijl ik op een voor mij nieuw fietspad liep, bedacht ik alle mogelijke opties die ik maar kon bedenken. Wat zou de leukste manier zijn om nog een paar kilometer extra te lopen? Bovenop de 10 km die ik oorspronkelijk in gedachten had? De keuze was moeilijk. Ik kwam er gewoon niet uit. Teveel leuke opties passeerden in mijn gedachten de revue.

Als ik een zweverige inslag zou hebben, zou ik nu kunnen zeggen dat ik toen in trance was. Dat ik even op een hele andere planeet was. Dat ik last had van een acuut gevalletje runner’s high. Maar zover wil ik niet gaan. Wel was duidelijk dat ik diep in gedachten verzonken was en dat alleen de bliepjes van BliepBliep (wat? zo snel?) me uit m’n concentratie konden halen. En zelfs dat lukte niet volledig.

Want ondanks dat de omgeving mijn volledige aandacht had, drong het toch niet helemaal tot me door. Ik zag wel alles, maar tegelijkertijd zag ik niets. Het besef dat ik dit alles nog nooit eerder had gezien en dat ik dus weer eens faliekant in de verkeerde richting aan het lopen was, moest nog tot de cruciale gedeeltes van mijn hersenen doordringen. Mijn ingebouwde navigatiesysteem (die al sinds mijn geboorte ernstige gebreken vertoont) had me weer eens in de steek gelaten. Ik was verdwaald. Een paar kilometers lang. Maar dat besefte ik pas toen ik van de onbekende weg op een bekende weg uitkwam.

Metaforisch gezien was die zondag dus een succes. Ik ben immers ongemerkt weer op het juiste spoor geraakt. Hopelijk kom ik onderweg ook die supervorm nog tegen.

Ben je een keer op tijd…

BvcbDe hele dag was ik al een beetje nerveus voor de Keesloop. Het zou mijn eerste loopje in twee maanden tijd worden en ik was benieuwd hoe ik er voor stond. Hoe heb ik de zomer overleefd? Kan ik nog wel een beetje een behoorlijke tijd neerzetten op de 10 kilometer? Gaat het te snel? Of juist te langzaam?

Maar het meest nerveus was ik nog wel over de vraag of ik de locatie zou kunnen vinden. Ik ben nu eenmaal niet zo goed in alles wat met navigatie te maken heeft. Mijn eigen huis kan ik inmiddels gelukkig al vinden, maar daar is dan ook zo’n beetje alles mee gezegd. De startlocatie van de Keesloop kende ik echter niet en dus was ik gisteren talloze malen de website aan het bezoeken om te kijken waar ik me precies zou moeten melden.

Toen ik er achter kwam dat de start slechts vijf kilometer van mijn huis verwijderd was, besloot ik om er naar toe te lopen. Dat vergde nog veel meer van mijn navigatietechnieken, maar aan het einde van de middag had ik dan eindelijk de route in mijn hoofd. Nog xc3xa9xc3xa9n keer controleerde ik de site op de precieze startlocatie en daarna vertrok ik. Ruim op tijd natuurlijk, maar ik zou vast wel weer ergens fout lopen, dus ik ging er vanuit dat ik die ruime marge ook echt nodig zou hebben.

De Keesloop is overigens een kleinschalige loop. Er zullen dan ook maar weing mensen zijn die na het lezen van de vorige alinea’s iets vreemds hebben gemerkt. Degenen die de Keesloop wel kennen, zullen zich daarentegen ongeveer het volgende hebben afgevraagd: "De Keesloop? Die is toch pas volgende week?"

Inderdaad ja. Die is pas volgende week. Maar dat wist ik gisteren op dat moment nog niet. Toen ik bij de startlocatie van de Keesloop was aangekomen, was ik in ieder geval ruim op tijd. Meer dan een week te vroeg zelfs. Maar opnieuw: dat wist ik niet. Ik zag een voetbalclub. Ik zag overal kleine voetballertjes en hun ouders, maar ik zag geen hardlopers. Geen startvlag. Geen speaker. Helemaal niets.

In eerste instantie ging ik er vanuit dat ik de site misschien niet goed had gelezen. Ik had me namelijk zo gefocust op het adres van de startlocatie dat ik niet meer zeker wist of dat adres van de voetbalvereniging was waar ik me nu bevond. Misschien was het dan toch ergens anders in de straat. Ik vervloekte mezelf dat ik de site niet beter had gelezen.

Op dat moment kon ik nog niet weten hoe ironisch die laatste opmerking was, want inderdaad had ik de site gewoon niet goed gelezen. Er stond namelijk heel duidelijk op waar de start was en ook dat die pas over een week plaats zou vinden. Ik bevond me wel degelijk op de goede plek en ik had dan ook geen flauw benul dat mijn als een kip zonder kop rondrennen op zoek naar de startlocatie helemaal geen zin had. Pas toen ik na 19.15 (het starttijdstip) nog steeds geen enkele hardloper in de buurt had gezien, begon er iets bij mij te dagen… Misschien had ik me niet in de locatie, maar in de dag vergist.

Volgende week dus nog maar een keer proberen. Ik weet nu in ieder geval waar het is.