Maandelijkse archief: november 2008

Lopen zonder jasje

SnowmanMaandag was ik al weer van plan om hard te gaan lopen terwijl een dag ervoor mijn handen nog ernstig last hadden gehad van bevriezingsverschijnselen. Of zoals ze dat zouden zeggen waar ik vandaan kom: mijn poten waren er bijna afgevroren. Dit keer weer mijn oude vertrouwde route vanaf werk naar huis, wat dus betekende dat ik me weer in het toilet om moest kleden in mijn hardloopkloffie.

Bij het uitpakken van mijn tas zag ik meteen al dat ik wat was vergeten. Om onbegrijpelijke redenen had ik mijn jasje thuis laten liggen en het was nou precies het soort weer waar een jasje tijdens het hardlopen prima van pas zou komen. Dankzij mijn nog natintelende vingertopjes had ik de kou van een dag geleden nog koelvers in mijn geheugen zitten en mijn eerste ingeving was dan ook om dan maar niet te gaan hardlopen. Totdat ik er opeens achterkwam dat ik, geheel toevallig, een loopshirt met lange mouwen had meegenomen.

Zo liep ik een kwartiertje later alsnog onder de Erasmusbrug door. Tights, handschoenen, muts en een lang hardloopshirt met daaronder twee normale katoenen T-shirts. Eentje had ik gewoon de hele dag zelf al aangehad en de ander was een backupshirt dat ik in mijn la op werk heb liggen in het geval van calamiteiten met koffie of etenswaren. En geloof me, ik spreek uit ervaring als ik zeg dat zoiets heel handig kan zijn. Daarbij is niet-hardlopen ook een soort van calamiteit voor mij, dus het T-shirt werd min of meer gebruikt waar het voor bedoeld was.

Zonder jasje vond ik het echter nog steeds redelijk frisjes. De kunst was dan ook om net iets harder dan normaal te lopen, zodat ik op die manier lekker op zou kunnen warmen. Aan de andere kant moest ik ook weer niet TE hard gaan lopen, want dan ving ik extra wind en werd het juist weer iets te koud. Het evenwicht was gelukkig snel gevonden en daarna had ik eigenlijk ook nog maar xc3xa9xc3xa9n hindernis te overwinnen: De Athexc3xafst.

Hoe zou ik immers thuis uit gaan leggen dat ik, een dag nadat ik als gevolg van ontdooiende handen gillend van de pijn door het huis heen had gerend, zonder jasje toch maar weer was gaan hardlopen. Het leek mij alsof ik daar nog een aardige klus aan zou gaan krijgen. Ik stelde me al voor dat ik weer allerlei vragen moest gaan beantwoorden over of ik wel goed bij mijn hoofd was en of ik misschien zou kunnen uitleggen wat mij in vredesnaam wel niet bezielde.

In eerste instantie leek ik bij thuiskomst nog goed weg te komen. Doordat ik wat sneller had gelopen dan normaal, was ik nog voor de Athexc3xafst thuisgekomen. Aan de andere kant had ik ook weer niet al te snel kunnen lopen, dus toen de Athexc3xafst niet veel later zelf thuiskwam, had ik nog geen kans gehad om naar de badkamer te vluchten. De eerste blik van De Athexc3xafst voorspelde niet veel goeds. Het gezeik kon beginnen.

Het bleek alleen mee te vallen. De blik van ontzetting en onbegrip in de ogen van De Athexc3xafst had niets te maken met het ontbreken van een hardloopjasje. Ze kon alleen niet begrijpen waarom ik dezelfde hardloophandschoenen aan had getrokken als de dag ervoor als deze compleet nutteloos waren gebleken. Daar begreep ze helemaal niets van en ze vroeg zich af waarom ik niet een extra paar handschoenen had aangetrokken. Om haar gerust te stellen, liet ik haar mijn handen voelen. Warm dit keer. Zolang het droog blijft, zijn die dingen dus nog niet eens zo slecht.

Daarna liep ik snel door naar de badkamer, zodat De Athexc3xafst geen tijd zou krijgen om door te hebben dat ik geen jasje aanhad. Maar dit ga ik natuurlijk onthouden! Dan hoef ik mezelf niet zo schuldig te voelen als ik de volgende keer niet doorheb dat ze een nieuw kledingstuk aanheeft.

Koude handen

HandsHet was even voorzichtig aan doen, zo in de sneeuw, maar ik was blij dat ik buiten was. Twee shirtjes, een lange tight, een jasje, handschoenen en een muts. Dat alles zorgde er voor dat ik het niet koud had en dat wil in mijn geval nog wel wat zeggen. In deze maanden heb ik het namelijk altijd wel koud. Als ik ooit zoiets als een vorig leven heb gehad, dan kan het haast niet anders dan dat ik die in een hangmat op een tropisch eiland heb doorgebracht. Ik kan gewoon niet zo goed tegen kou. Maar nu, hardlopend langs de Rotte, in een witte omgeving, terwijl om me heen een bescheiden sneeuwbuitje aan de gang was, vermaakte ik me dat eerste stuk prima. Maar omdat ik ook nog naar huis moest, liep ik over een brug naar de andere oever van de Rotte toe om zo in de tegengestelde richting als eerst weer terug naar huis te gaan.

Ineens was alles anders. De wind die eerst nog in mijn rug had gezeten, blies nu recht in mijn gezicht. Ik had het koud. Plotseling. Waar ik vlak daarvoor nog zelfs had getwijfeld aan het nut van twee shirts, was ik nu alleen maar blij dat ik ze aan had. Tien shirts waren misschien zelfs wel beter geweest. Daarbij zag ik vrijwel niets meer. De sneeuw plakte aan mijn bril vast en ik moest het qua zicht doen met de schaarse keren dat zo’n plakkaat naar beneden zakte.

Toch waren dit allemaal nog dingen waar ik mee kon leven. Misschien was het dan wel niet helemaal comfortabel lopen, maar de kleding deed zijn werk en het was best te doen. Alleen mijn handen. Mijn handen hadden zwaar te lijden. Ondanks dat ik gloednieuwe handschoenen droeg, zorgden de sneeuw en de snijdende wind er voor dat mijn handen de volle laag kregen. Ik voelde ze alsmaar kouder worden. Eerst vervelend koud, daarna ongemakkelijk koud, toen pijnlijk koud en even later voelde ik helemaal niets meer. Op zich was dat wel fijn, maar met nog steeds een paar kilometer te gaan voordat ik thuis zou zijn, begon ik me toch langzaam zorgen te maken. Niks meer kunnen voelen leek me toch niet zo’n heel erg goed teken.

De laatste paar kilometers probeerde ik toch op een aantal manieren weer wat gevoel in mijn handen terug te krijgen. Klappen in mijn handen (blij, blij, blij). Handen onder mijn oksels. Vingeroefeningen. Maar niets hielp. Toen ik eenmaal thuis kwam, had ik enkel twee ongevoelige stukken vlees aan de uiteindes van mijn armen zitten. De Athexc3xafst moest de deur dan ook voor mij open doen, want dat kon ik zelf niet meer. Met mijn tanden trok ik mijn handschoenen uit en ik hield ze direct boven de verwarming. Het hielp niet. Nog steeds had ik geen enkel gevoel in mijn handen.

Inmiddels was De Athexc3xafst omgeschakeld van beschuldigende modus ("waarom doe je jezelf dit dan ook aan?") tot hulpzame modus. Ze verwees me naar een verwarming die nog net ietsjes warmer was en ze voorkwam dat ik, zoals mijn eerste ingeving was, mijn handen direct onder de warme kraan zou gaan houden. Maar toen ik me na een paar minuten nog steeds niet beter voelde, liet ze me toch mijn handen onder een lauwe straal water houden.

Eerst voelde ik niets, daarna voelde ik pijn. Misselijkmakende pijn. Ik snap best dat er vrouwen zullen zijn die dit lezen en mij zouden adviseren om eerst maar eens een kind uit te poepen voordat ik over pijn begin, maar op dat moment kon ik me echt geen ergere pijn voorstellen dan wat ik aan mijn handen voelde. Maar ook al ging ik bijna over mijn nek, toch voelde ik nu tenminste mijn handen. Boven de verwarming kon ik ze vervolgens verder opwarmen en daarna ging het snel beter. Een kwartier later kon ik zelfs weer alles met mijn handen doen en alleen mijn vingertoppen bleven gevoelig.

Zelfs nu herinneren mijn vingertoppen nog aan gisteren. Het gaat al weer wat beter en uiteindelijk zal het wel helemaal overgaan, maar de volgende keer moet ik toch wat beter voorbereid naar buiten gaan. Iemand een idee waar ik handschoenen met verwarming kan kopen?

Stemmen

StemmenTijdens het hardlopen kom ik hem nog wel eens tegen en dan vooral tijdens wedstrijdjes. Toch weet ik na al die tijd nog steeds niet hoe hij heet. Daarbij verandert hij ook regelmatig van uiterlijk, zodat ik hem soms pas heel laat herken. Voor de rest weet ik vrij weinig van hem. Ik weet alleen dat ik een enorme pesthekel aan hem heb.

Gisteren kwam ik hem nog tegen tijdens een training. Ik was best lekker bezig toen hij opeens naast me kwam lopen. Nu heb ik in de meeste gevallen niet zo heel erg veel zin om te praten tijdens het hardlopen, zeker niet met hem, en dus negeerde ik hem maar. Praten, zo redeneer ik vaak, kun je ook thuis. Daarbij lijkt het door al dat geouwehoer misschien of alles sneller gaat, maar eigenlijk ga je er alleen maar langzamer van lopen. Dat weet hij ook. En daarom praat hij zo vaak.

Hij liep dus naast me en keek me aan. Misschien vergiste ik me, maar hij leek zelfs een beetje minachtend naar me te kijken. Van top tot teen nam hij mij in zichzelf op en daarna snoof hij wat met zijn neus. Dit keer keek hij niet minachtend, maar wat meewarig. Alsof hij medelijden met me had of zo. Het liefst had ik hem ter plekke doen laten verdwijnen, maar daar was het al te laat voor. Ik wist dat hij voorlopig niet weg zou gaan.

"Hxc3xa9, jij!" zei hij opeens uitdagend.
Ik negeerde hem, hij fronsde zijn wenkbrauwen.
"Hxc3xa9, hallo! Joehoe! Ik heb het tegen jou, hoor! Zeg eens wat!"

Opnieuw negeerde ik hem. Ik had hier gewoon zo geen zin in en ik probeerde wat te versnellen om van hem weg te komen. Gewoon even een ander ritme zoeken of iets dergelijks. Alles om maar van hem af te zijn. Heel soms lukt dat ook, maar in de meeste gevallen loopt hij binnen de kortste keren weer naast me en weet ik dat het nog moeilijker zal zijn om van hem af te komen.

Zo ook deze keer. Mijn vluchtpoging had gewoon weinig zin. Mijn benen waren te moe, ik was te moe. Binnen een mum van tijd liep hij weer naast me.

Dit keer had hij duidelijk zin om me te treiteren. Dat voelde ik gewoon en geef hem eens ongelijk. Hij was in deze strijd duidelijk de overwinnaar. In ieder geval tijdelijk.

"Ha!", begon hij triomfantelijk en zijn stem zat vol leedvermaak. "Wat ben jij een sukkel zeg! Wat een loser eerste klas! Dacht je nou echt dat je van mij weg kan lopen? Dacht je dat nou echt? Nou… Mooi niet dus! Daar loop je dan met die dure schoentjes van je. En die tight? Zeker een tweedehandsje van Zwarte Piet of zo? Of nee, wacht! Van Sinterklaas natuurlijk! Alhoewel die wel een stuk sneller loopt dan jij nu. Zelfs mxc3xa9t die vreemd gevormde Nordic Walking stok van hem. Tsjongejonge… Dit lijkt echt helemaal nergens op. Volgens mij kun je beter stoppen. Dit is toch geen hardlopen meer? Waar denk je nou dat je in godsnaam mee bezig bent?"

En opeens was ik er helemaal klaar mee. Ik had het gewoon zo gehad met hem. Nu was ik ook al bijna weer thuis en zo vlak voor het eindpunt is het altijd een stuk makkelijker om een tweede adem te vinden. Op dat moment kwam vanuit het niets ook nog een derde iemand naast me lopen. Hem ken ik ook. Hem mag ik. Als ik hem tegenkom, weet ik dat het goed zit.

"Kom op, SnakeMaster! Lopen! Ik weet dat je het kan! Versnel dan toch!", riep deze man naar me.
En ik versnelde. Ik ging harder lopen. De vermoeidheid was, zo vlak voor de finish, helemaal verdwenen. Samen lieten we mijn kwelgeest achter me. Ik zal hem alleen vast nog wel een keer tegenkomen.

Eigen schuld

Rotte

Ik ben lekker aan het hardlopen, me met niemand aan het bemoeien, als ik achter me in de verte de herkenbare voetstappen van een andere hardloper hoor. Heel even kijk ik achter me om te zien wat voor vlees ik in de kuip heb, maar ik ben niet echt onder de indruk. Hij, toch al wat jaartjes ouder dan ik en kleding en schoenen die hun beste tijd wel hebben gehad. Ik, in een flitsende hardloopoutfit en ook nog eens met gloedjenieuwe schoenen.

"Die kan ik makkelijk hebben", denk ik bij mezelf. Voor alle zekerheid versnel ik nog iets op een stuk waar het richting een brug een flink stuk omhoog gaat.

Het geluid van de voetstappen verdwijnt ook echt in eerste instantie, maar even later hoor ik ze weer. Het zal toch verdomme niet waar zijn? Het is toch niet weer diezelfde gast? Zit hij me soms een beetje uit te dagen? Misschien moet ik nog maar eens omkijken. Misschien is het hem helemaal niet. Is het iemand anders. Wacht even. Ik kijk gewoon even om.

Fuck.
Het is hem dus wel.
En hij nadert.
Snel.
Dat gaat zo maar niet. Toch maar eens wat harder lopen.

Maar het heeft maar weinig zin. Ik hoor hoe hij dichterbij komt. Nu loop ik eigenlijk zelf nog verre van maximaal, dus ik besluit om van tactiek te veranderen. In plaats van te proberen om hem voor te blijven door nogmaals te versnellen, zal ik hem voorbij laten gaan. Daarna zal ik hem gewoon van een afstand gaan volgen. Slopen zal ik hem. En vervolgens loop ik er doodgemoedereerd voorbij. Alsof het niets is.

Als hij mij eenmaal passeert, weet ik bijna zeker dat mijn nieuwe tactiek kans van slagen zal hebben. Ik hoor gewoon dat hij het moeilijk heeft. Zijn ademhaling is veel zwaarder dan die van mij. Ik lach in stilte: dit gaat nog leuk worden! Kijk maar eens hoe hij er bij loopt. Oude versleten schoenen. Volgens mij nog niet eens echte hardloopschoenen. Exc3xa9n of ander joggingvest en een soort van trainingsbroek. Dat kan hij toch niet menen? Of hij is enorm aan het bluffen of hij is een van die irritante natuurtalenten die na twee keer hardlopen al sneller zijn dan ik. Ik weet niet eens wat ik erger zou vinden.

Op het uitgestrekte fietspad langs de Rotte waar we lopen, kan ik hem goed in de gaten houden. Daar loopt hij dan. Voor me. De afstand tussen ons wordt weliswaar langzaam groter, maar dat kan natuurlijk nooit lang meer duren. Eens moet hij breken. Eens moet hij opgeven. Eens moet hij kennis maken met de superioriteit van SnakeMaster.

Maar de man breekt niet. De man geeft niet op. En van de superioriteit van SnakeMaster is opeens nog maar bitter weinig te merken. SnakeMaster breekt namelijk wel. En geeft op. Want ja, in tegenstelling tot wat hij zichzelf wijs probeerde te maken, hoefde hij daar echt niet rechtsaf dat andere fietspad op. En die nieuwe schoenen zaten ook helemaal niet zo slecht en liepen eigenlijk best wel lekker. Totdat hij zich natuurlijk weer eens zo nodig moest bewijzen.
Eigen schuld…

SnakeMaster DreamTeam

DreamteamHet begint eentonig te worden. Wederom ben ik niet uitgekozen als lid van het Runner’s World Dreamteam 2009. Graag had ik deel uitgemaakt van dit team om onder professionele begeleiding voor de Rotterdam Marathon van 2009 te trainen en die vervolgens in een wereldtijd te kunnen lopen. Ik zou me ziekelijk nauwkeurig aan de opgelegde schema’s hebben gehouden. Ik zou enthousiaste verhalen verteld hebben op de Runner’s World site over nu nog onmogelijk lijkende vorderingen. Ik zou met een stralende glimlach in meerdere edities van dit tijdschrijft hebben gestaan. Briljante interviews zou ik hebben gegeven. Ik zou kwistig gestrooid hebben met wel doordachte quotes waaruit mijn liefde voor het hardlopen meer dan ooit zou blijken.
Maar helaas… Niets van dit alles. Ik moet het weer helemaal alleen gaan doen.

Toch moet ik wel zeggen dat ik er dit keer ook niet zo heel veel moeite voor heb gedaan. Waar ik in voorgaande jaren altijd uren bezig was om mijn motivatie voor de deelname terug te brengen tot het onmogelijk lage aantal van 100 woorden, heb ik dit keer niet veel meer dan de link naar mijn web-log opgestuurd. En weer, of misschien wel juist daarom, was het niet genoeg.

De spanning was er dan ook wel een beetje vanaf. Het "ik word toch niet uitgekozen" overheerste al een aantal jaren. Toen ik me de allereerste keer had ingeschreven, was ik in gedachten al lid van het DreamTeam. Op de dag dat de toekomstige leden gebeld zouden worden, liet ik mijn mobiele telefoon dan ook niet uit het oog. Nog steeds gaat er daarom een steek van pijn door me heen als ik terugdenk aan dat ene moment dat ik mijn telefoon even uit het oog had verloren en ik prompt een gemiste oproep had. Van een anoniem nummer. Zonder voicemail. Maar ik wist het zeker: dat was Runner’s World. Dankzij xc3xa9xc3xa9n klein momentje van onoplettendheid heeft er iemand anders in mijn plaats in het DreamTeam van 2005 gezeten. Dat kan gewoon niet anders.

Dit jaar deed het me vooraf niet zo heel veel of in ieder geval heel wat minder dan in voorgaande jaren. Ik had er graag bij gezeten en ze hadden in mij het meest enthousiaste lid ooit gehad, maar blijkbaar dacht de redactie daar anders over. Helaas. Jammer.
En toch zit het me dwars. Pas nu, op het moment dat bekend is geworden dat ik er weer niet bij zit, baal ik dan ook als een stekker.

Aan de andere kant heb ik ook zoiets van: graag of niet. Ze bekijken het maar lekker met hun DreamTeam. SnakeMaster slaat terug. Vanaf heden begin ik mijn eigen DreamTeam. Als xc3xa9xc3xa9n persoon is het alleen moeilijk om een team te vormen en daarom heb ik BliepBliep bereid gevonden om mee te doen. Welkom dus bij de eerste editie van het SnakeMaster DreamTeam. Editie 2009 is begonnen. We gaan ervoor.

Toen

Daguerre_dsAls je, net zoals ik, al bijna tien jaar lang hardloopt, dan weet je al bijna niet meer hoe het is om niet hard te lopen. Ook je omgeving weet niet beter. Je loopt hard en daarmee uit. Het nieuwtje is er al heel lang vanaf. Nieuwe mensen die jou leren kennen, weten zelfs niet eens beter. Die kunnen zich niet eens voorstellen dat er een tijd is geweest dat je helemaal niet aan sport deed.
"Wat? Hoe zwaar was je vroeger?"

De eerste paar jaren kon het nog wel eens voorkomen dat ik iemand uit mijn verleden tegenkwam die mijn transformatie tot hardloper niet had meegemaakt. Het was ook altijd wel even grappig om de zoveelste "JIJ?!?!?! Hardlopen????" in ontvangst te nemen. Maar de tijd gaat verder, de lijst van lang niet meer ontmoete bekenden uit het verleden is afgenomen. De namen die er nu nog op staan, zijn vrijwel allemaal van mensen die ik of niet meer zou (willen) (her)kennen of van mensen die ik door geografische redenen waarschijnlijk nooit meer ga tegenkomen. Het is kortom een lijst die niet snel kleiner zal worden.

Een paar maanden terug kwam daar verandering in. Via hyves kwam ik opeens een oude vriend op het spoor. Omdat er geen foto bij zijn profiel stond, wist ik niet zeker of hij het ook echt was en dus stuurde ik eerst een aftastend berichtje. Hoe kon ik immers zeker weten dat hij het was?

Maar het was hem dus wel. Sterker nog, ik moest HEM er van overtuigen dat ik het echt was. Want, zo zei hij in xc3xa9xc3xa9n van zijn berichtjes, de SnakeMaster die hij kent "doet niet aan marathon lopen."

We spraken wat met elkaar af en afgelopen weekend zagen we elkaar voor het eerst in meer dan negen jaar. De laatste keer dat ik hem had gezien, was ik nog maar net met hardlopen begonnen en dit was voor mijn gevoel echt iemand uit een heel ver verleden. Het onderwerp hardlopen kwam in het begin dus niet eens aan bod. Het ging over vroeger. Mensen die we toen kenden, dingen die we toen deden. Details die hij nog wist, details die ik nog wist. Dat soort dingen.

Pas veel later kwam het hardlopen opeens ter sprake. Ik had hard mijn best gedaan om er niet zelf over te beginnen en ik was dan ook blij dat hij er mee kwam. Eindelijk kon het mantra-knopje uit. Eindelijk eens even niet dat in mijn hoofd rondzingende ‘niet over hardlopen praten, niet over hardlopen praten, niet over hardlopen praten’. Ik mocht heel even over hardlopen praten.

Opnieuw was hij verbaasd. Goh, ik train dus vier keer per week. Goh, dus ik heb zelfs marathons gelopen. Het klopte allemaal niet met het beeld dat hij van mij had. Dat beeld van vroeger. Toen ik net zo a-sportief was als hij toen. Als hij nu. Het was voor hem een vreemde gewaarwording.

Daar zaten we dan. Allebei ouder, allebei veranderd.
Ik vond hem wat dikker geworden.

Nike Air Max

Nikeairmax90reflectiveTwee van mijn collega’s zijn een tijd geleden begonnen met fitnessen. Samen.
"We willen wat aan onze conditie doen. Daarom!" was het antwoord op mijn vraag waarom ze zich in godsnaam bij een sportschool hadden ingeschreven. Aan mijn smeekbedes om gewoon een keertje te beginnen met hardlopen, werd vervolgens geen gehoor gegeven. Te saai, vonden ze. Te vermoeiend. En daarmee was de discussie voor hun afgedaan.

De afgelopen maanden moest ik daarom ook allerlei vreemde verhalen aanhoren over spiergroepen, toestellen en gewichten. Potten vol met pillen passeerden de revue. Schijnbaar allemaal legaal en met een gezicht dat een gemiddelde betrapte wielrenner in zijn hoogtijdagen niet had misstaan, werd ook nog eens beweerd dat het allemaal natuurlijk was. Het helpt echt! Eiwitten zijn de bom en elke progressie (vijf kilo meer getrokken dan vorige week!) werd uitbundig gevierd.

Ik snapte er helemaal niks van. Er werden spieren aangewezen, schijnbaar gegroeid, die ik niet kon zien. Er werden gesprekken gevoerd, die ik niet kon volgen. Enkel uit een antropologisch gezichtspunt kon mij het hele verhaal soms boeien. Dus zo moet het voor mijn omgeving zijn als ik over hardlopen praat…

De laatste tijd merkte ik echter een omslag in hun verhalen. Het ging wat minder over gewichten en wat meer over cardio. Er werd gefietst op apparaten en gestept op machines. De heren waren tot inzicht gekomen dat als ze echt aan hun conditie wilden werken, dat ze dan misschien ook eens wat andere dingen zouden moeten gaan doen.

En ineens kreeg ik een paar dagen geleden zowaar een vraag over hardlopen te verwerken. Eindelijk. Eentje had geprobeerd om twintig minuten lang op een loopband te lopen. Hij vertelde trots dat dit hem de beste manier leek om aan zijn conditie en uithoudingsvermogen te werken, maar hij had nog wel een vraagje. Hij had namelijk wat last van een paar spieren en gewrichten na die eerste keer en hij vroeg zich af of dat normaal was. Hij wees vervolgens op zijn heupen en op zijn kuiten.

"Kan dat misschien aan mijn schoenen liggen?" vroeg hij.
Tsja, geen idee eigenlijk. Mijn eerste ingeving was gewoon spierpijn. Heel normaal. Dat overkomt iedereen wel na de eerste keer hardlopen, dus eigenlijk was er nog niks aan de hand. Maar omdat hij zo snel met zijn vraag over schoenen kwam, werd ik wantrouwig. Eerst dus maar eens vaststellen op welke schoenen hij dan op een loopband had gelopen.

Hij wees op de schoenen die hij aanhad. Ik keek. Ik schrok. Ik vroeg of hij serieus was. Hij bevestigde dat. Ik keek nog eens naar zijn schoenen.

De schoenen die hij aanhad waren simpele bootschoenen. Van het soort dat ze bij de Zeeman waarschijnlijk nog niet eens durven te verkopen. Ik zuchtte maar eens diep. Zoals ik wel vaker zucht als ik mensen hele domme dingen hoor zeggen over hardlopen of als ik mensen hele domme dingen zie doen die betrekking hebben op hardlopen.

Mijn eerste advies, daar had hij niks aan. Nieuwe schoenen bij de hardloopwinkel vond hij namelijk te duur. Mijn tweede advies vond hij al helemaal belachelijk, want het is natuurlijk veel te koud om buiten hard te lopen. Mijn derde advies werd zo mogelijk met nog meer hoon ontvangen. Meer dan xc3xa9xc3xa9n keer per week hardlopen? Of ik misschien gek was geworden?

Meneer wilde per se schoenen bij de Perry Sport kopen en eigenlijk had hij niets meer en niets minder verwacht dan mijn volmondige goedkeuring. Tuurlijk joh. Koop die Air Max maar. Daar loopt elke serieuze hardloper op. Wereldrecords zijn er op gebroken. Ik heb er ook zes paar van thuis staan.

Met pijn in mijn hart gaf ik hem advies om voor een eurootje of vijftig, zestig dan maar een paar neutrale Asics hardloopschoenen te kopen. Dat is in ieder geval beter dan niets, maar ik drukte hem wel op het hart om goed naar zijn lichaam te luisteren. Als hij last begint te krijgen, dan direct naar de hardloopwinkel. Het is gewoon het geld waard. En als het even kan, dan ook even proberen om buiten hard te lopen.

Ik denk niet dat hij naar me heeft geluisterd. Mocht xc3xa9xc3xa9n van jullie dan wel eens in een sportschool komen en je ziet iemand op Nike Air Max schoenen op een loopband lopen… Doe hem dan de groeten van mij.