Maandelijkse archief: september 2010

TNT Post

TNT Post is soms mijn beste vriend, maar regelmatig ook mijn grootste vijand. Ze zijn mijn vriend als ze allerlei pakketjes met leuke hardloopspulletjes keurig netjes bij mij afleveren en ze zijn mijn vijand als ze dat om wat voor reden dan ook weigeren te doen. Vorige week hield ik dan ook mijn adem vast toen ik eindelijk het verlossende mailtje kreeg dat de nieuwe BliepBliep via TNT Post naar mij onderweg was.

Mijn problemen met TNT Post zijn een paar jaar geleden begonnen. Ik werk namelijk bij een bedrijf dat in een klein kantoorpand met drie verdiepingen gevestigd zit en in dat kantoorpand bevinden zich ook een aantal andere bedrijven met allemaal hetzelfde huisnummer en dezelfde postcode. Dat was nooit een probleem voor TNT Post, totdat iemand besloot om de regeltjes eens goed door te lezen en, nog veel kwalijker, nog uit te gaan voeren ook. Tot op de laatste kleine letter en alles leestekens die daarop volgen.

Opeens was de bedrijfsnaam in combinatie met het huisnummer en de postcode niet meer voldoende. Er moest een toevoeging op de poststukken geplaatst worden, want anders wisten ze officieel niet waar ze de pakketten naar toe moesten brengen en zouden ze de pakketten niet meer aan de deur af komen leveren. Ze belden nog wel aan, maar vervolgens weigerden ze om naar boven te komen en aangezien ik door stom toeval het dichtst bij de intercom zit, moest ik elke keer weer de strijd aangaan. Nu ben ik er echt niet vies van om een paar trappen op en neer te lopen, maar ik snapte gewoon niet waarom TNT Post opeens zo moeilijk deed. En zo werd de strijd tussen mij en TNT Post al snel een ideologische strijd.

Eerst probeerden de TNT Post mannetjes het nog met geduld. Elke keer legden ze me uit waarom ze het een probleem vonden om naar boven te gaan, ik sputterde luidkeels tegen en tien minuten later kon ik ze alsnog boven verwelkomen. "Maar dit is dan wel de laatste keer, meneer", kreeg ik telkens te horen en ik beloofde plechtig dat ik of xc3xa9xc3xa9n van mijn collega's volgende keer wel een toevoeging bij het adres zou plaatsen. Daar meende ik natuurlijk niets van en het was eigenlijk een kwestie van tijd rekken. Dat wist ik, dat wist het mannetje van TNT en het wachten was dus op de volgende stap.

Inderdaad kwam de dag dat ze aan de Intercom zeiden dat ze dit keer echt niet naar boven zouden komen. Een paar keer had ik nog succes met de intercom-is-kapot-en-ik-hoor-u-niet tactiek, maar daarna hielp ook dat niet meer. Ik had verloren en de TNT Post had gewonnen. Irritant was dat. Tijdens de grote loopjes lopen ze met hun bedrijventeams al zo enorm in de weg en nu hadden ze me ook op mijn werk te pakken. Zelfs mijn nieuwe treitertactiek om tergend langzaam naar beneden te gaan om er voor te zorgen dat ze zo meer tijd kwijt waren aan de bezorging dan als ze zelf naar boven zouden komen, was niet echt bevredigend. Het voelde als een nederlaag.

Mijn strijd verplaatste zich dan ook naar de toeleveranciers. Braaf vermeldde ik elke keer 'tweede verdieping' of welke andere toevoeging de TNT dan ook van mij verlangde, maar toch ging het vaak genoeg fout. Als voorbeeld noem ik maar webwinkel X (waarmee ik natuurlijk absoluut niet www.hardloopaanbiedingen.nl bedoel) die keurig netjes mijn afleveradres overnam en in de bevestigingsmail plaatste. Als vervolgens dat zelfde adres bij TNT Post werd aangemeld, werden de toevoegingen weer net zo makkelijk weggehaald door TNT Post en had ik een paar dagen later weer gezeik met mijn postbode.

Maar dat was niet het enige front waarop ik oorlog voerde tegen de onrechtvaardigheid waaraan TNT Post mij bloot stelde. Als ik alles volgens de regeltjes had gedaan en het TNT Post mannetje toch nog weigerde om naar boven te komen (nee meneer, ik snap ook niet waarom 'tweede verdieping' niet op het adres staat terwijl u dat wel heeft aangegeven), kon ik soms nog tegen xc3xa9xc3xa9n van mijn collega's zeggen dat het pakketje voor hun was. Als ik tenminste niet alleen was. Dat werkte xc3xa9xc3xa9n keer, bij sommige niet al te snuggere collega's zelfs twee keer, maar er kwam een tijd dat echt al mijn mogelijkheden uitgeput waren. Ik had verloren. Zo simpel was het. De mannetjes van TNT Post hadden het inmiddels ook al met mij gehad, mijn collega's weigerden nog langer naar beneden gestuurd te worden en in die omstandigheden bestelde ik de nieuwe BliepBliep. Ik zou heel diep door mijn kniexc3xabn moeten gaan om het pakketje zelf in ontvangst te kunnen nemen.

Op de dag van bezorging hield ik angstvallig de intercom in de gaten. Het werd later en later, ik werd zenuwachtiger en zenuwachtiger en allerlei horrorscenario's spookten door mijn hoofd. Misschien zouden ze MIJN nieuwe BliepBliep voor zichzelf houden en vervolgens iedereen in de weg gaan lopen tijdens de eerstvolgende bedrijvenloop. Of misschien zouden ze MIJN nieuwe BliepBliep op waterdichtheid testen door deze in de Maas te gooien. (Muhahahaha!) Toen er eindelijk werd aangebeld, was ik door al dat doemdenken zelfs enigszins verbaasd dat ze toch nog waren gekomen en opgelucht maakte ik me al klaar om als ultieme zelfvernedering naar beneden te lopen.

Maar dat hoefde niet. Het TNT mannetje kwam naar boven. Uit zichzelf. En op de adressticker was mijn zorgvuldig getypte 'tweede verdieping' niet eens meegekomen. Zelfs de TNT Post had in dit geval dus beseft wat het belang was van dit pakketje en tevreden kirrend maakte ik het pakketje open.
O…. Wat is ze mooi. Wat kan ze veel.
Bliep! 

19-09-2009 Aart van Hovenloop, 10 km, Bleiswijk

Bij het inlopen voor de tien kilometer merkte ik al dat BliepBliep aan haar laatste adem was begonnen. Ze viel uit, sputterde tegen en ik wist al dat ik het wedstrijdje waarschijnlijk zonder haar zou moeten lopen. Vierhonderd meter na de start registreerde ze inderdaad de laatste hardgelopen kilometer uit haar leven.

Daarna moest ik het dus alleen doen en dat was in het begin knap lastig. Ik ben al zo lang gewend aan het lopen met BliepBliep tijdens wedstrijdjes, dat ik eigenlijk al niet meer beter weet. Zelfs bij wedstrijdjes waar ik me vooraf had voorgenomen om me zo weinig mogelijk te laten leiden door BliepBliep, was daar altijd nog de geruststellende gedachte dat ze er in ieder geval was. Nu dus niet meer en aangezien ik ook geen ander klokje bij me had, wist ik eigenlijk helemaal niets. Bij grote wedstrijdjes heb je dan nog wel eens klokken bij elke kilometer of er zijn andere lopers in de buurt die even hun kilometertijden met elkaar bespreken. Maar niet bij de Aart van Hovenloop. Dat is nu eenmaal een klein clubwedstrijdje met een beperkt aantal deelnemers. Alleen bij de finish en bij de eerste doorkomst staat een tijdsklok. Voor de rest was ik op mijn eigen gevoel aangewezen.

Dat gevoel zei me om het na ongeveer twee kilometer toch maar wat rustiger aan te doen. Op dat moment lag ik tweede. De echt snelle lopers hadden namelijk verstek laten gaan en daardoor kon ik in het begin de snelste loper van die dag nog goed volgen. Maar naarmate de meters voorbij vlogen en de leider in de wedstrijd iets ging versnellen, gingen er in mijn lichaam steeds meer alarmbellen af. Daar had ik BliepBliep nou weer eens niet voor nodig. Ik gaf dan ook braaf gehoor aan de signalen van mijn lichaam en ging iets langzamer lopen.

Als ik dat iets eerder had gedaan, dan had ik misschien nog in het gezelschap van twee of drie andere lopers kunnen lopen. Nu had ik net iets te veel afstand genomen en liep ik in mijn eentje. Zo probeerde ik zo goed en zo kwaad als dat kon een stevig tempo vast te houden. Maar wat is stevig? Zonder klokje was ik al die tijd bang dat ik misschien wel dramatisch langzaam aan het lopen was. Op weg naar de eerste doorkomst, vreesde ik dan ook het ergste.

Gelukkig viel dat alleszins mee. Als vergelijkingsmateriaal had ik een wedstrijdje van anderhalve week geleden en ten opzichte daarvan was ik met een lage 21 minuten al bijna een halve minuut sneller dan toen. Veel belangrijker was echter dat ik nog steeds redelijk makkelijk aan het lopen was. Waar ik bij dat eerdere loopje nog BliepBliep nodig had om het tempo te bepalen en vervolgens vast te houden, liep ik nu redelijk makkelijk door.

Tijdens het tweede rondje werd ik in het begin nog wel even ingehaald door een andere loper. Dat was niet goed voor mijn ego, maar eigenlijk kwam het niet eens zo heel erg slecht uit. Vanaf dat moment kon ik me qua tempo namelijk op hem richten en ook al werd de afstand tussen ons geleidelijk aan steeds groter, ik wist dat het met mezelf wel goed zat. Er zijn dan ook weinig tien kilometers geweest in mijn loopbaan die ik zo fris en fruitig heb afgerond als deze. 

Eindtijd: 42 minuten en 40 seconden. Nog steeds niet goed, maar wel een teken van progressie. En dat is in ieder geval meer dan op dat moment van BliepBliep gezegd kon worden.

Afscheid van BliepBliep

Garmin-forerunner-305Wat betreft apparaten ben ik niet zo moeilijk. Als het kapot is, koop ik gewoon een nieuwe. Als het niet kapot is, maar er is gewoon een betere beschikbaar, dan koop ik ook gewoon een nieuwe. Een apparaat is immers maar een apparaat en niets is leuker dan om een nieuw apparaat te kopen, minutenlang met allerlei fraaie opties te spelen en een dag later alweer te dromen van een nog betere versie van dat apparaat.

Met BliepBliep was dat echter anders. Er was al lang een betere versie van BliepBliep op de markt, maar toch was ik geenzins van plan om die te gaan kopen. BliepBliep deed het immers nog prima en hoe stom het ook klinkt, ik was toch een beetje gehecht geraakt aan de bliepjes van BliepBliep. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om BliepBliep zonder pardon af te danken.

BliepBliep was voor mij namelijk net even meer dan de verzameling goedkope chips en draadjes die de tekst 'Made in Taiwan' deed vermoeden. Ze was veel meer. Toen ze driexc3xabneenhalf jaar geleden haar intrede deed in mijn hardloopleven zorgde ze namelijk vrijwel meteen voor een revolutie. Ik ben er anders door gaan hardlopen en ik ben het hardlopen ook anders gaan beleven.

Toch heb ik destijds nog maandenlang getwijfeld over de aanschaf. Ik had namelijk al eens een paar keer met een goedkope hartslagmeter gelopen en dat vond ik eigenlijk maar niks. Het waren dan ook de extra en de op papier supercoole opties van BliepBliep die me uiteindelijk over de streep trokken. Bijna tienduizend kilometer geleden, liep ik dan ook vol verwachting de eerste kilometer met BliepBliep.
Enkele weken later was ik al een compleet andere hardloper. Ik had mijn tempo's beter in de hand en, misschien nog wel het allerbelangrijkste, ik was begonnen om de buurt al hardlopend te verkennen.

Voorheen had ik namelijk een paar standaardrondjes die ik elke keer liep. Daar van afwijken was een doodzonde, want dan kon ik geen tijden vergelijken en wist ik ook niet of ik nu goed of slecht had gelopen.
Met BliepBliep maakte dat allemaal niet meer uit. Feilloos wist ze me te vertellen hoe veel, hoe snel en waar ik precies had gelopen. Ongedwongen verkende ik alle paadjes bij mij in de buurt en ontdekte zo het plezier van verkennend hardlopen. Er ging letterlijk een nieuwe wereld voor me open en in combinatie met mijn hartslaggegevens wist ik ook nog eens hoe goed of hoe slecht het met mijn conditie gesteld was. Hardlopen zonder BliepBliep was voor mij eigenlijk niet meer mogelijk. Batterij leeg? Dan maar een training overslaan.

Afgelopen week ging het opeens niet meer zo goed met de conditie van BliepBliep zelf. Aan het einde van een regenachtige training op dinsdag stopte haar hartslag voor de eerste keer. Donderdag gebeurde het nog een keer, maar leek opnieuw opstarten te helpen. Zondag was het echter definitief over en uit. Met een levenloze BliepBliep aan mijn pols moest ik 's ochtends een wedstrijdje over 10 km afwerken. 

's Middags heb ik nog van alles gedaan om BliepBliep weer levend te krijgen, maar het is me niet gelukt. Soms bliepte ze weer even een paar minuten, soms iets korter, soms iets langer, maar BliepBliep was duidelijk BliepBliep niet meer. Het was mooi geweest. We hebben samen een hele mooie tijd gehad en ik vind het oprecht vervelend om afstand van haar te doen, maar gisteravond heb ik besloten om BliepBliep definitief af te schrijven. Haar opvolgster (een 310XT) is inmiddels onderweg. Dag BliepBliep. Bedankt voor alles.

R.I.P. BliepBliep

Verdrietig om haar heengaan, maar met een dankbare herinnering aan de mooie tijd die we samen door hebben gebracht, geef ik u kennis van het overlijden van mijn mooie, lieve en hondstrouwe hardloopmaatje

BliepBliep
(geboren Garmin Forerunner 305)

* Taiwan, 2006 xe2x80xa0 Rotterdam, 19-09-2010

Na een kort en hevig ziekbed, is zij omringd door haar enige geliefde op de gezegende leeftijd van bijna 10.000 kilometer in alle rust heengegaan. BliepBliep, rust zacht.

Gelegenheid tot condoleren in het commentaarvak hieronder. 

Jeruzalem wankelt

Ondanks mijn kruistocht tegen niet-hardlopers en ondanks mijn pogingen om De Athexc3xafst te bekeren was ze altijd al een overtuigd niet-hardloper. En eigenlijk is ze dat nog steeds, met xc3xa9xc3xa9n klein detail als verschil: De Athexc3xafst loopt nu hard. 

Dat laatste mag geen nieuws meer zijn, want De Athexc3xafst is al jaren bezig met allerlei hardlooppogingen. Dat is ooit begonnen met kleine stukjes dribbelen die ze afwisselde met veel gewandel, gemopper en gezeur (ook al mag ik dat niet zo noemen waar ze zelf bij is), maar toch kwam ze langzaam op een niveau waarbij drie kilometer hardlopen best te doen was. 

Vorig jaar stonden we zelfs heel even voor een kleine doorbraak. De maximale hardloopafstand werd uitgebreid van drie naar vijf en ook het tempo ging wat omhoog. Tegenover elke geslaagde poging om vijf kilometer te lopen stond er dan wel een mislukte poging, maar zelfs De Athexc3xafst moest toegeven dat het hardlopen beter dan ooit ging.

Een definitieve doorbraak bleef echter uit. De herfst kwam en zoals elke niet-hardloper je wil doen laten geloven is hardlopen op zich al absurd, maar hardlopen in de regen is natuurlijk al helemaal belachelijk. Toen zich ook nog eens een vrij koude winter aandiende en in ons geval aansluitend ook nog een vierweekse vakantie in Australixc3xab, leek het heel even definitief gedaan met de hardloopaspiraties van De Athexc3xafst. 

Maar in de lente van dit jaar pikte ze het hardlopen weer op. De eerste keer verbaasde ze me door zomaar vanuit het niets weer drie kilometer te kunnen lopen. Mei en juni waren zelfs absolute topmaanden waarin ze zich weer een paar keer aan een vijf kilometer durfde te wagen. Met de tijden die ze toen liep, zou ze zelfs heel wat mensen achter zich weten te houden tijdens een wedstrijdje. Het begon, kortom, zowaar ergens op te lijken.

In het begin van de zomer leek het nog heel even mis te gaan, maar inmiddels verkeert De Athexc3xafst in absolute bloedvorm. Dat heeft er ook toe geleid dat De Athexc3xafst nu ook zonder mij durft hard te lopen. Gek genoeg is ze in haar eentje sneller dan als ik in de buurt ben. Op een zelf gelopen vijf kilometer verpulverde ze zelfs haar met mij gelopen record met ruim anderhalve minuut. De kans is dan ook groot dat we nog dit jaar een historische gebeurtenis mee gaan maken: het debuut van De Athexc3xafst bij een hardloopwedstrijdje. In de kruistocht tegen niet-hardlopers staat dat gelijk aan de val van Jeruzalem.

08-09-2010: Keesloop, Bergschenhoek, 10 km

Zoals altijd bij de Keesloop is er ook dit keer na afloop een loterij. Op het nummertje dat ik heb, 98 om te precies te zijn, is geen enkele prijs gevallen. Ik loop dan ook al weer buiten, pak mijn nummertje om het weg te gooien en zie dan pas dat ik het al die tijd ondersteboven heb gehouden. Ik heb niet nummertje 98, maar nummertje 86 en verdomd als het niet waar is: ik heb nog prijs ook! Gewapend met een fietsmand (xe2x82xac23,95 volgens het prijsje dat er nog aan zit) loop ik weer naar buiten. Het is gelijk xc3xa9xc3xa9n van de weinige positieve dingen die ik kan vertellen.

De Keesloop is toevallig precies tussen twee enorme regenbuien ingepland. Het is een absoluut voordeel dat we niet in de stromende regen hoeven te lopen, maar het nadeel is dat een paar honderd meter onverhard parcours xc3xa9xc3xa9n drassige modderzooi is geworden. Dat weet ik alleen aan het begin nog niet. Dan weet ik alleen dat ik vorige week een best redelijke 1500 meter heb gelopen en dat ik op basis van die tijd volgens allerlei calculators op internet onder de 43 minuten zou moeten kunnen lopen.  

Ik start dan ook met als doel om onder die 43 minuten uit te komen. Eigenlijk hoop ik zelfs stiekem op een tijd van net onder de 42 minuten, maar als ik in het eerste rondje na zo’n 2,5 kilometer voor het eerst in de modder terecht kom, moet ik dat schema direct al laten gaan. Het gaat gewoon allemaal niet zo makkelijk en zelfs terug op het verharde stuk lukt het me niet meer om het vlotte begintempo terug te krijgen.

In plaats daarvan loop ik gewoon constant door. Ergens hoop ik dat ik in het tweede rondje nog ergens wat energie vandaan kan halen om in ieder geval onder de 43 minuten uit te komen. Maar ik zou niet weten waar en het lukt gewoon niet. Het is pijnlijk om te moeten beseffen dat dit nu gewoon even mijn niveau is. Veel harder dan dit kan ik gewoon even niet op een 10 kilometer en met mijn 43:17 moet ik dan ook maar leren leven. Het is dan wel niet goed, maar het is een begin. Vanaf nu zou het alleen maar beter moeten gaan.

De gewonnen fietsmand zet me na afloop nog wel even aan het denken. Is het niet een brutale en subtiele manier van het universum om mij te vertellen dat ik misschien maar eens wat anders moet gaan doen dan dat eeuwige hardlopen? Dat kan natuurlijk altijd, maar feit blijft dat ik hardlopen nog steeds leuk vind. Zelfs als ik slecht ben. Ik ga dan ook niets anders doen. Ik blijf gewoon hardlopen, ga me de komende maanden steeds meer richten op de Rotterdam Marathon van 2011 en hopelijk komt het dan allemaal goed. En zo niet, dan niet.

Comeback

Binnenkort ga ik met bloggen weer verder waar ik gebleven was. Misschien dat ik nu soms zelfs over andere zaken begin. Voordat ik verder ga, toch nog even een samenvatting van waar ik met hardlopen was gebleven.
 
Herfst 2009
Deze tijd staat te boek als mijn beste hardloopperiode ooit. Op de 10 kilometer benader ik de magische 40 minutengrens tot op 22 seconden en op de halve marathon kom ik dicht in de buurt van die andere magische grens van anderhalf uur. Ik voel dat ik telkens iets sneller word. Aangezien ik op dat moment nog enkele maanden door kan trainen totdat ik in februari vier weken naar Australixc3xab vertrek, ga ik er vanuit dat het slechts een kwestie van tijd zal zijn voordat ik die grenzen doorbreek.

Winter 2009/2010
De sneeuw en de kou maken in december een einde aan de stijgende lijn die in de herst maar niet te stoppen leek. Door kou, gladheid en sneeuw worden ingeplande wedstrijdjes geschrapt en trainingen worden drastisch ingekort of soms zelfs overgeslagen. Als er half januari eindelijk weer een beetje te lopen valt, is mijn vakantie naar Australixc3xab zo dichtbij en mijn goede vorm zo ver weg, dat ik er geen heil meer in zie om nog wedstrijdjes te lopen. Ik weet dan al dat ik bij terugkomst uit Australixc3xab weer helemaal overnieuw kan beginnen.

Lente 2010
Bij terugkomst uit Australixc3xab gaat het inderdaad niet meer zo best. Dat was te verwachten natuurlijk, maar als ik na zo’n zes weken xc3xa9xc3xa9n van mijn slechtste tien kilometers ooit loop, weet ik dat me nog een hoop te doen staat. Ik blijf rustig doortrainen, maak voldoende kilometers en in de weken daarna loop ik nog twee andere wedstrijdjes over 10 en 5 kilometer waarin ik een duidelijke progressie merk.

Juni 2010
Juni is de maand waarin het hardlopen even een wat minder belangrijke rol inneemt. Een sollicitatie en vervolgens een wekenlange voorbereiding op een tweede gesprek en een capaciteitentest, zorgen er voor dat het hardlopen er bij inschiet. De test doorsta ik glansrijk en ik accepteer de nieuwe baan, maar doodmoe eindig ik de maand juni na wekenlange stress. Ik had die maand dan ook weinig tijd om dat weg te lopen. Op 30 juni, de dag waarop ik mijn ontslag indien, loop ik bij mijn club een wedstrijdje over 15 kilometer. Vermoeid en ook nog eens bevangen door de warmte, pas ik al na xc3xa9xc3xa9n kilometer mijn tempo aan. Na de finish ga ik meteen naar huis. Slapen. Uitrusten. Herstellen.

Juli-augustus 2010
Na de dip in juni gaat het in juli juist weer een stuk beter. Ik ben nog steeds verre van het niveau dat ik had in de herfst van 2009 en ik beschouw 2010 inmiddels als een verloren hardloopjaar, maar ik durf weer te denken aan PR’s in 2011. 

Op vakantie in Kroatixc3xab gooi ik mijn gebruikelijke rondje in Split in de prullenbak en loop daarvoor in de plaats veel heuvelwerk. In het begin is dat nog zwaar, maar op het einde gaat het zo makkelijk en loop ik zo lekker daar dat ik het alleen al daarom jammer vind dat ik weer terug naar Nederland moet. Eenmaal terug lijkt het alleen even wel alsof ik achteruit ben gegaan. Voor elke seconde die ik sneller word, wordt mijn trainingsgroepje op dinsdag er nog eens vijf sneller. Het gat tussen mij en hen is dan ook wel erg groot geworden.

September 2010 en verder
Hoop volgt op 1 september als ik tijdens een 1500 meter eigenlijk te snel van start ga (wanneer doe ik dat eigenlijk niet?), maar desondanks toch zo’n 15-20 seconden sneller loop dan ik had verwacht. Ik reken, ik plan, ik kijk vooruit: de Keesloop op 8 september. Vandaag dus. Dat wordt het ijkpunt. Dan weet ik pas echt hoe ik er voor sta.