Maandelijkse archief: februari 2011

Fysio

De fysio typt driftig mee terwijl ik voor het eerst mijn verhaal doe. Hamstrings. Tikkerdetik. Pijn. Tikkerdetik. Hardlopen. Tikkerdetik. Gemiddeld 60 kilometer per week. Tikkerde… – gefronste wenkbrauwen – … tik. 

Dat is best veel, zegt ze vervolgens om haar verbazing nog eens te laten blijken over het kilometeraantal. Ik gloei helemaal van binnen. Best leuk om op die manier waardering te krijgen van iemand die blijkbaar de ballen verstand heeft van hardlopen. Aan de andere kant is het natuurlijk ook wel gevaarlijk. Uitgesproken door een vage kennis kunnen de woorden 'best veel' namelijk inderdaad een blijk van respect zijn. Uitgesproken door een fysiotherapeut kunnen die woorden weer heel wat anders betekenen. Iets als 'je bent gek' bijvoorbeeld. Of: 'je mag blij zijn dat je je uberhaupt nog kan bewegen'. Of, en daar ben ik nog wel het meest bang voor: 'ik verbied je om ook nog maar xc3xa9xc3xa9n centimeter hard te lopen.'

Misschien denkt ze dat ook wel, maar houdt ze wijselijk haar mond. 'Dan gaan we nu even kijken', zegt ze alleen maar. Vervolgens realiseer ik me pas echt op wat voor een vervelende plek mijn blessure eigenlijk zit. Ik kan namelijk niet even alleen mijn broekspijpen omhoog doen of zo. Voor de zoveelste keer vervloek ik mijn blessure dan ook van binnen als ze me vraagt om mijn broek uit te doen en plaats te nemen op de behandeltafel.

Er gaat gelukkig nog wel een keurig handdoekje over mijn zitvlak heen en dan begint het drukken. Het voelen. Het zoeken naar de pijn. 

Ik voel het ook wel hoe ze drukt. Eerst zachtjes en dan steeds harder. En als blijkt dat ik dan nog steeds niet de hele buurt bij elkaar aan het schreeuwen ben van de pijn, zit ze zelfs flink druk uit te oefenen op de hamstrings. Alleen doet het geen pijn. Ik begin me dan ook steeds ongemakkelijker te voelen. Ik was toch geblesseerd? Waarom voel ik dan niets?

'Nu gaan we even wat anders doen', zegt ze als we allebei tot de conclusie zijn gekomen dat de pijn uitblijft. Ze pakt mijn benen beet en geeft aan dat ik ze moet bewegen terwijl zij ze juist gaat proberen tegen te houden. 

En dan is het in xc3xa9xc3xa9n keer wel raak. De pijn die dan volgt, zorgt er voor dat ik het bijna zwart voor mijn ogen krijg. Ik stoot een soort van oerkreet uit, iets van oewahhaahwhwha of zo, wapper wat hulpeloos met mijn handen en gelukkig voel ik meteen hoe de fysio de druk vermindert. De pijn neemt direct af, maar zal daarna nog minimaal een uur lang sluimerend op de achtergrond aanwezig blijven. Het goede nieuws is in ieder geval dat ik niet voor Jan Lul bij de fysio zit.

De diagnose is overbelasting. Blijkbaar had ze zelfs al tijdens het voelen gevoeld dat de spieren wat dik, stijf en stram waren. Ze adviseert dan ook om de komende tijd veel oefeningen te doen en om te blijven bewegen. Aha! Dat is mijn cue! Het potentixc3xable nachtmerrie-moment is nu aangebroken! Een mogelijk hardloopverbod zit er aan te komen! Ik verzamel al mijn moed en stel de o zo belangrijke vraag: 'En hardlopen? Hoe zit dat met hardlopen? Mag ik dat nog wel blijven doen?'

Het mag, het mag! Hoor je dat?! HET MAG! Maar dan alleen wel als ik direct stop wanneer ik pijn voel. Ik kan mijn fysio wel zoenen, zo blij en opgelucht ben ik met dat antwoord. Maar aangezien ik daar in mijn onderbroekje op een behandeltafel zit, lijkt het me geen goed idee. Er zouden maar eens ongemakkelijke momenten kunnen ontstaan en je moet nu eenmaal zuinig zijn op fysio's die je laten hardlopen.

Maar deze fysio kan eigenlijk niet meer kapot. Geen idee of de daaropvolgende massage zin heeft. Geen idee of de komende behandelingen ook maar iets uit zullen halen. Echt geen idee. Het boeit ook niet. Deze fysio is legendarisch, want ik mag gewoon hardlopen. Dat ik dat voorlopig even niet kan omdat elke hardloopbeweging op dit moment pijn doet, is van minder belang. Ik mag hardlopen!
Alleen kan ik het niet.